vrijdag, januari 15, 2021

Warnaar: Spertijd




Volgens de krant zijn de dierentuinen op sterven na dood. Dieren moeten verzorgd, faciliteiten onderhouden, maar door de 'lockdown', pas door het kabinet met drie weken verlengd, komen er al maanden geen bezoekers. Een van de ellendige vooruitzichten voor na de crisis, denkt hij, geen dierentuinen meer. Hij leest ook dat de boekwinkels, en niet alleen de boekwinkels, het water tot over de lippen staat. In een land als België, waar cultuur belangrijker wordt gevonden en de vrijheid van meningsuiting serieuzer wordt genomen dan in het botte Nederland, zijn boekwinkels essentiële winkels. Hij denkt aan wat Gerrit Komrij schrijft in zijn boek Lof der Simpelheid: 'Een Nederlander maalt evenveel om cultuur als een pissebed om zonlicht'.


Dierenactivisten wrijven zich ongetwijfeld in de handen, vreest hij. Beter uitgestorven dieren in het wild dan levende in de dierentuin is daar het credo. Hij betrapt zich er regelmatig op dat hij, een enkele uitzondering daargelaten, een toenemende hekel krijgt aan activisten. Vooral vanwege het moreel verheven standpunt dat ze zich aanmatigen, hun fanatisme en hun humorloosheid. Hij denkt aan de moordenaar van Pim Fortuyn, aan het geschreeuw dat dierentuinen moeten worden verboden.


Komrij schrijft ook: 'Er is veel heimelijk verlangen naar geweld en de eis tot verbod is er een voorbode van'. De krant heeft het over de spertijd die dreigt.


Foto: auteur


dinsdag, januari 12, 2021

Warnaar: Beeldend Buddingh'




Hij leest dat een aantal stadgenoten in Dordrecht een standbeeld wil van C. Buddingh'. Hij vindt dat een goed idee. Buddingh' heeft veel voor de stad betekend. Het moet alleen niet zo'n lelijk ding worden als het beeld van Willem van Oranje, die groteske reus van de Hofstraat. Dat kun je een fijnzinnig dichter als Buddingh' niet aandoen.


Wat je hem ook niet kunt aandoen, is zijn naam verkeerd spellen. Nog altijd zijn er mensen die Cees schrijven in plaats van Kees. Van wat Buddingh' daarover zelf schrijft, trekken zij zich niets aan. Ze weten het immers beter dan de schrijver. Op de sokkel van Willem van Oranje is men de naam van de stad Oudewater vergeten. Daarmee sta je als Dordrecht in je hemd. Straks gebeurt dat met Cees misschien ook.


Toch ziet hij zo'n beeld (een mooi beeld, dus een ontwerp waarbij het volk geen inspraak heeft, want dan krijg je weer zo'n Hofstraattrol) wel zitten. De vraag is: waar zetten we Kees neer? De gemeente heeft hem al afgescheept met een lullige parkeerplaats, meent hij. Om dat een beetje goed te maken moet het wel een prominente plek zijn. In Zutphen staat Ida Gerhardt uit te kijken over de IJssel. Hij denkt aan het Groothoofd, met dan meteen Jan Eijkelboom als pendant op het Damiatebolwerk.


Foto: auteur


zaterdag, januari 09, 2021

Warnaar: Prijs




De Postcodeloterij meldt dat hij een koek heeft gewonnen, maar dat de afhaalpunten voor koeken, althans deze winnende koeken, door de minister zijn gesloten. Hij had, in het zicht van de jaarwisseling, op iets anders gerekend. Op minstens een miljoen. Wat zou hij doen als hij een miljoen won? Nog veel meer boeken kopen, vreest hij, al kunnen de stapels, waarvoor eigenlijk geen plek is, nauwelijks meer groeien. Een groter huis misschien? Maar hij wil voor geen miljoen zijn huis voor een ander verruilen. Alleen als een fanatieke activist naast hem zou komen wonen. Dan gaat hij zelfs voor minder dan een miljoen weg.


Hij zegt altijd dat hij meespeelt omdat de loterij weleens een bedragje aan zijn voetbalclub doneert, of aan het Dordrechts Museum, maar hij doet het natuurlijk gewoon omdat hij zou stikken van nijd als heel de straat een miljoen won en hij niet. Het heeft hem een reeks tosti-ijzers, broodroosters, een nooit gebruikte ijsblokjesmachine, die niemand van zijn bekenden wil hebben, en vele bonnen voor appeltaarten van de Hema opgeleverd. En nu dus deze onafhaalbare koek.


Een jongen uit zijn eindexamenklas won ooit een ton in de voetbalpoel. Binnen een jaar was die op aan een dure auto en een dure vriendin. Nee, denkt hij, dan toch liever boeken. Of een handeltje in koeken.


Foto: auteur 


woensdag, januari 06, 2021

Warnaar: Held van Mafeking




Hij vond het vuurwerkverbod rondom Oud & Nieuw een goed idee, maar het werd massaal genegeerd. Het zou misschien het enige goede van covid-19 zijn geweest. Voor de rest heeft het virus alleen maar voor rampspoed en ellende gezorgd. Het heeft hem wel de ogen geopend. Nederland blijkt een slecht georganiseerde narcostaat, met een incapabel kabinet, dat leunt op een incapabele bureaucratie en dat zich laat adviseren door antivirusdeskundigen die bij tijd en wijle rollend over straat gaan, omdat ze eigenlijk ook geen raad weten.


Het parlement speelt steeds meer een bijrol, sinds het niet volledig of volledig verkeerd inlichten van de Tweede Kamer geen politieke doodzonde meer lijkt te zijn. Anders waren premier Rutte en de rest van zijn brokkenpiloten allang de laan uitgestuurd vanwege de toeslagenaffaire. Ondertussen staat het land internationaal voor gek. Bijna heel Europa, althans dat deel dat er echt toe doet, is aan het vaccineren, maar het wijsneusje van de klas loopt helemaal achteraan.


Warnaar was korte tijd lid van de padvinderij. Dat woord mag je niet meer gebruiken, want dan krijg je activisten achter je aan, die iets roepen over stikstof en de Boerenoorlog. Veel heeft hij er niet geleerd, op twee nuttige zaken na: knopen leggen en je tijdig op iets voorbereiden. Hij mag hem daarom wel, die held van Mafeking.


Foto: auteur


zondag, januari 03, 2021

Warnaar: Gewoon leven




Je zou maar koning zijn, denkt hij, en dan van zo'n hypocriet, vingerwijzend volk als het Nederlandse. In coronatijd massaal naar de bouwmarkt, het tuincentrum en het vakantiepark, maar zo'n man zijn reisje naar zijn huis in Griekenland misgunnen, ook al was dat binnen de regels. Hij voelt zijn ergernis over Nederlanders de laatste tijd toenemen, ook al is hij er zelf een. Het gras is elders niet groener, maar in weinig landen zie je meer gezwaai met wijsvingers. En de 'voorbeeldfunctie' van de koning? Hij haalt zijn schouders op.


Geef mij maar een republiek, meent hij. Een beroep erven van je moeder of vader hoort bij een wereld die voorbij is. 'Zou jij geopereerd willen worden door een chirurg die het vak van zijn vader heeft geërfd?' vroeg hij eens aan een overtuigde royalist. Die zette zijn oranje opblaaskroon op en verdween hossend in de massa. De massa, het volk. In vroeger tijden, toen bijna iedereen het beroep van zijn vader erfde, heette dat het grauw, het plebs, het janhagel, het profanum vulgus.


Als hij koning was, zou hij de brallende horde geen excuses aanbieden, maar twee middelvingers. Hij zou zeggen: 'Hé, stel lullo's, zoek een ander voor die kutbaan!' Het zou een zegen zijn voor zijn dochters. Kunnen ze eindelijk ook een gewoon leven gaan leiden.


Foto: auteur


donderdag, december 31, 2020

Warnaar: Ouwelijk




Hij vraagt zich af hoe het komt dat de generatie van zijn grootouders zich altijd zo ouwelijk kleedde. Of leek dat maar zo door de zwart-wit foto's? Hij rommelt in de doos met familiefoto's, ooit gered uit de boedel van een tante. Zijn grootmoeder staat achter hem in de kamer. Hij is twee jaar oud. Oma overleed toen hij tien was, op zevenenzestigjarige leeftijd. Op de foto is ze negenenvijftig. Ze lijkt ergens in de zeventig. 


Hij denkt dat het het gebrek aan kleur moet zijn. Op een zomerdag voor de coronapaniek, die het openbare leven grotendeels heeft verdord, zat hij op het terras van zijn stamkroeg. Verderop was de straat afgezet voor filmopnamen. Vlakbij het café was de lokaliteit waar de acteurs werden gekleed. Het was een komen en gaan van mensen uit de generatie van zijn grootouders. Het viel hem op hoe kleurrijk en stijlvol de vooroorlogse mode was. 


Inmiddels hebben de noodmaatregelen, waarmee de overheid gelooft het coronavirus te kunnen uitbannen, bijna alle kleur uit het leven gehaald. Hij probeert daar iets van terug te vinden door films te bekijken. Hij volgt nu een serie over Vikingen. Ze slaan anderen en elkaar voortdurend de hersens in, maken tussendoor het ene kind na het andere en sterven bij tijd en wijle als vliegen aan besmettelijke ziekten. 


Foto: archief auteur


maandag, december 28, 2020

Warnaar: Frederik II


 



Hij las Het weergaloze bestaan van keizer Frederik II, van Cas van Houtert. Een interessante figuur, Frederik. Al jong keizer van het Heilige Roomsche Rijk. Het boek leest vlot, maar waarom ontbreekt een notenapparaat? Ook lijkt de literatuurlijst hem wat beperkt. Het heeft wel een namenregister, zodat je vlot iemand kunt opzoeken. Abt Landulf van Montecassino, bijvoorbeeld. Frederik lag jarenlang overhoop met de paus. Eerst met Gregorius IX, daarna met Innocentius IV. De laatste maakte er zijn levenswerk van om Frederik ten val te brengen.


De enige Gregorius die Warnaar zich herinnert is Gregorius de das. Voor het slapen gaan werd thuis eerst geluisterd naar Paulus de Boskabouter. Gregorius was naar zijn idee een goedmoedige mompelaar. Er was ook een wat deftig sprekende uil, Oehoeboeroe, een wijze raaf, die Salomo heette en een akelig, kwaadaardig wijf, Eucalypta de heks. Haar rol was zo'n beetje die van paus Innocentius IV in de middeleeuwen.


Misschien moet hij het boek van Van Houtert nog eens kritisch doornemen. Tot twee maal toe schrijft hij dat Yolande de Brienne voor haar huwelijk met Frederik in Jeruzalem verbleef. Dat moet Akko zijn, Jeruzalem was in handen van de islamieten. Het kan een verschrijving zijn, maar dan ook nog al die namen vernederlandsen, geen Yolande de Brienne, maar Jolande van Brienne. Beetje vreemd, vindt hij.


Foto: auteur