dinsdag, januari 24, 2023

Groener gras




Warnaar leest dat het thema van de Poëzieweek 'vriendschap' is. Een sympathiek thema, al vraagt hij zich af waarom dat soort evenementen altijd een thema moet hebben. Hij is meer van de spontane invallen en een waaier van onderwerpen. Hij kan zich de dag niet heugen dat hij een gedicht heeft geschreven. Dichten, dat was iets voor de puberjaren, de uitzichtloze verliefdheden op onbereikbare meisjes en in het beste geval de schoolkrant. Hij herinnert zich dat die in zijn schooljaren nog werd gestencild. Geen mens onder de veertig die nog weet wat een stencil is, op een enkele archiefmedewerker na.


In die schooltijd maakte hij een aantal vriendschappen voor het leven. In enkele gevallen waren die maar kort, door vrienden die jong, soms heel jong, overleden. Hij herinnert zich Pierre, een fanatieke hardloper. Iedere dag er op uit, bij weer en wind, tot ze hem vonden in de berm langs een sloot. Hartstilstand. En dan had je de gevallen van kanker en dat ongeluk met een slordig invoegende vrachtwagen. De rijksweg was bijna een volle dag gestremd. 


Prettiger stemt de remigratie naar zijn woonplaats van enkele vrienden die jaren lang elders woonden. Voor werk of omdat ze ten onrechte dachten dat het gras elders groener was, maar tijdig gepensioneerd of tot inkeer gekomen. Hij kijkt weleens naar mensen die meedoen aan het televisieprogramma Ik vertrek. Maarten van Rossem zegt dat een groot deel van de mensen niet goed snik is. Hij heeft de neiging Maarten van Rossem altijd te geloven.


Foto: auteur



vrijdag, januari 13, 2023

Dodo




Warnaar leest dat er weer een of andere actiegroep, Huiskat Thuiskat, is opgestaan, die van alle katten in het land binnenkatten wil maken. Ze zouden veel te veel beschermde vogels vangen. 'Een club malloten,' moppert hij, 'die voor pure dierenmishandeling is. Ze zullen wel niks beters te doen hebben.' Hij vindt dat katten buiten horen en dat, als beschermde vogels gevaar lopen, het wel om zieke of zwakke beesten zal gaan. Anders waren ze wel op tijd weggevlogen. Hij denkt aan een prent van een dodo, die hij weleens in een geschiedenisboek heeft zien staan. Een merkwaardige vogel en uitgestorven, maar hij meent dat de aarde er niet langzamer door is gaan draaien. Dat uitsterven was trouwens de schuld van de homo sapiens, niet van de felis silvestris catus.


Activisten! Waarom irriteert de soort hem zo snel? De morele arrogantie, denkt hij, de gelijkhebberij en het vrijwel altijd ontbreken van enig gevoel voor humor. Johan Vollenbroek, alleen van die naam heeft hij al de broek vol. Warnaar herinnert zich dat hij in zijn heel jonge jaren bij een clubje zat dat zich keerde tegen het eetfestijn dat kerstmis heette. Ze gingen met kerst in hongerstaking uit protest tegen al het vreten en zuipen. Aan het eind van de tweede dag was hij nog net op tijd thuis voor het kerstdiner van de familie.


Hij was zestien, een puber, en liep gewoon met een paar iets oudere vrienden mee. Iedereen heeft wel een jeugdzonde, meent hij. Goddank is hij intussen volwassen geworden.


Foto: auteur



maandag, januari 09, 2023

Gas




De krant meldt dat koken op aardgas slecht is voor de longen. Warnaar wordt er niet warm of koud van. Leven in Nederland is superslecht voor de longen, weet hij, de lucht die we inademen is door en door giftig en verziekt. Omdat daar op korte termijn toch niets aan zal worden gedaan, is hij niet van plan om zich er druk over te maken. 'Het zal wel,' zucht hij, terwijl hij zijn eerste koffie van de dag inschenkt. Buiten is het druilerig en somber. Hij vindt januari één lange, miserabele maandag. Februari vindt hij niet veel beter en met maart moet je maar afwachten waar het heengaat. Hij denkt ineens aan Gerard Reve's Op weg naar het einde, een boek dat niemand ongelezen zou moeten laten.


Hij herinnert zich de commotie toen het gas in de Groningse bodem pas was ontdekt. Ieder gezin moest op aardgas gaan koken. Alle toestellen die op lokaal, uit kolen gewonnen, gas werkten, moesten worden vervangen, waarna ook culinair gouden tijden zouden aanbreken. Hij herinnert zich de Dordtse gasfabriek aan de Merwekade, een lelijk, smerig gebouw uit het midden van de negentiende eeuw, en een enorme gashouder die voortdurend langzaam, zo langzaam dat je de beweging niet zag, op en neer ging. 


Dat was ook niet bevordelijk voor de longen, bedenkt hij, en ook dat ondanks alle gejammer over van alles wat allemaal slecht is voor de gezondheid, de gemiddelde leeftijd mooi nog steeds omhoog gaat. Hij schenkt zich nog maar een koffie in.


Foto: auteur


vrijdag, december 30, 2022

Overbooked




Lieve Stella,


Vanmorgen moest ik ineens denken aan onze eerste bezoek aan Cyprus, in 2002. Ik ben bang dat mijn geluidsbox het heeft begeven en was in een kast op zoek naar de handleiding. In die kast ligt ook een pak foto's van die reis. Een onverwacht uitje in de meivakantie met Teleac-Not, de educatieve omroep die in 2010 uit het medialandschap verdween. Ze waren daar bezig met een aantal radioreportages over de landen die in 2004 lid zouden worden van de Europese Unie. Ze zochten een historicus die iets wist van de geschiedenis van het eiland en kwamen via Nieuwgrieks van de UvA bij mij terecht. Oorspronkelijk zou ik wat teksten inspreken, maar iemand kwam op de gedachte dat het beter zou zijn als ik dat ter plekke deed, in plaats van ver weg in een Nederlandse studio. Goed idee, vond ik, maar dan moet mijn vrouw ook mee en aangezien ze ook nog op zoek waren naar een tolk die Grieks en Nederlands sprak, was dat geen probleem. 


Mei is een mooie maand om Cyprus te bezoeken. Nog niet zo heet als in de zomer en veel natuur in bloei, vooral in het Trodoos en in het Pentadactylos gebergte. Dat laatste konden we van Lefkosia alleen maar zien liggen, want toen mochten Grieken de bestandslijn tussen de republiek en het door Turkije bezette noorden van Cyprus nog niet over en jij hebt altijd je Griekse nationaliteit behouden. Jij die 'groene lijn' niet over, dan ik ook niet. Later hebben we dat wel gedaan, want dat bezoek was het begin van een reeks reizen naar Cyprus, die uiteindelijk resulteerden in twee boeken. Een bloemlezing uit de Cypriotische literatuur, Wij wonen in een taal (gepubliceerd door Kruispunt in Brugge), die jij samenstelde, en een boek van mij over de geschiedenis van het eiland, Afrodite en Europa (gepubliceerd door Dioskouri in Utrecht en als 2e editie door Boekscout in Baarn).

Het hielp dat jij Cyprus kende en daar nog wat contacten uit je studententijd had, zodat het zes heel aardige uitzendingen zijn geworden. Ze zullen nog wel ergens bij Beeld en Geluid te vinden zijn. We begonnen in Larnaca en verbleven daarna in Lefkosia, van waaruit we delen van het eiland bezochten. We eindigden in Tsada, in de buurt van Paphos, waar we te gast waren bij Leonora Cok, de correspondente van de NOS. Van daaruit ging de radioploeg naar huis. Wij plakten er nog een paar dagen extra aan, huurden in Paphos een auto, die we konden achterlaten op het vliegveld van Larnaca en hebben met het ding Lemesos en het Troodos gebergte verkend. In Lemesos (ook wel bekend als Limasol, maar ik houd me aan de Griekse benamingen) bezochten we de dierentuin. Of wat daarvoor door moest gaan. Het was er nogal troosteloos. Ik herinner me die bruine beer, die moedeloos in een klein hokje lag te stikken van de hitte. Dat beest had natuurlijk ergens in de bergen moeten huppelen.

Ik weet nog dat het toen op Schiphol ook al een puinhoop was en men de drukte van de meivakantie niet aankon. Ook bleek ons vliegtuig overbooked. Phyta Stern, die de leiding had van het project, belde daarop de Cypriotische ambassade (we vlogen met Cyprus Airways) waarop we na een tijdje wachten toch aan boord konden. Later hoorden we dat in het vliegtuig geld werd geboden aan passagiers die bereid waren een dag later te vliegen, omdat enkele belangrijke passagiers mee moesten. Een paar studenten hadden daar wel oren naar. 

Hoe ik dat weet? Een collega van school zat met vrouw en kind in hetzelfde toestel (dat kind was trouwens een leerlinge van me) en daar hoorde ik het later van. Ze hadden zich zitten afvragen wie die belangrijke passagiers dan wel zouden zijn en toen kwamen Stella en ik als eersten van het groepje het vliegtuig in. 

Onze latere ervaringen met vliegen naar Cyprus waren goed, maar toen hadden we geld voor onderzoek vanwege die boeken en konden we vliegen in de business class. We logeerden dan altijd in hotel Cleopatra, op loopafstand van het door Venetiaanse wallen omringde historische centrum van de stad. Daar was een bijzonder aardige, belangstellende en volgens mij ook tamelijk erudiete barman, met wie we dikwijls in gesprek raakten. Toen ik een paar jaar geleden ook weer eens in het Cleopatra logeerde, om een paar reportages voor het Griekenland Magazijn te maken, was hij er nog steeds en nog altijd even spraakzaam.


Die handleiding heb ik niet kunnen vinden en aan de aanwijzingen die ik op internet heb gevonden, heb ik niets. Het zal wel een nieuwe worden. Vervelend, maar zo duur was het ding niet. Als ik hem naar een reparateur breng, als die te vinden is, ben ik waarschijnlijk meer kwijt. Vervelend dat zo'n ding er altijd de brui aan geeft op een moment dat je geen tijd hebt om naar de winkel te gaan voor een nieuwe. Of geen tijd, eerlijk gezegd heb ik geen zin, want dan moet ik naar die kolossale elektronicamarkt waar vroeger een Grieks en een Chinees restaurant zaten en dat vind ik een klotezaak. Ik kan er natuurlijk eentje bestellen via het internet, maar daar heb ik ook geen zin in, behalve als het niet anders kan. Dat doet me te veel aan die afgrijselijke coronatijd denken. 

Luxegezeur, ik weet het. Het is nu te regenachtig, maar morgen schijnt misschien wel de zon en dan denk ik over sommige dingen altijd geheel anders. Jij had net zo'n verschrikkelijke hekel aan die beroerde donkere dagen voor (en na) kerst als ik, maar toen gingen we in de kerstvakantie altijd naar ons appartement in Thessaloniki. Konden we de mouchla, zoals jij het noemde, voor even ontwijken. Misschien had ik dit jaar ook een poosje naar de zon moeten gaan, maar op de een of andere manier heb ik steeds minder zin het Eiland van Dordrecht te verlaten. Onlangs was ik naar een feestje bij vrienden in Zaandam. Voor een Amerikaan is dat naast de deur, maar ik vond het een hele reis. Zou dat iets met leeftijd te maken hebben?


Mijn serie televisie-uitzendingen bij ONS/Nostalgienet zit erop. Ik heb leuke en soms enthousiaste reacties gekregen, maar er was ook een uitzending bij waarover ik niets hoorde. Bleek op NPO 1 het Nederlands elftal op dat ogenblik een wedstrijd voor het WK te spelen. Daar kan zelfs ik niet tegenop. In het voorjaar gaan we praten over een eventuele tweede serie aan het begin van het volgende seizoen. Ondertussen ga ik met mijn Het boekenpraatje gewoon door op mijn eigen Youtube-kanaal. Je moet iets hebben om je te weerhouden van overmatig kroegbezoek. Het dochtertje van een vriend ging op een gegeven ogenblik geloven dat ik in Visser woonde, 'want altijd als we poffertjes gaan eten zit Kees daar ook.' Overigens zal het volgende boekenpraatje even op zich laten wachten, want één van de boeken die ik daarvoor lees is de biografie van Willem van Oranje door René van Stipriaan en dat is nogal een kloek boek. Wat ik er ondertussen van gelezen heb, vind ik wel erg boeiend, maar ik heb het nog lang niet uit.


Wat mijn eigen boeken betreft: het is de bedoeling dat deel VIII van de serie literaire dagboeken eind januari uitkomt, maar ik hoorde net dat heer uitgever geveld is door een vervelende luchtweginfectie, dus het is nog maar de vraag of we die datum halen. Dat krijg je als je publiceert bij een kleine uitgeverij, met overigens een behoorlijk groot fonds, want met de Bordeauxreeks is Liverse al over de vijftig uitgaven. Alles poëzie. Kom daar bij die pretentieuze Amsterdamse uitgevers eens om!


In gedachten, altijd,


Kees


Dordrecht, 29 december 2022.


Foto: auteur



vrijdag, december 23, 2022

Jeugdzonde




Warnaar heeft dit jaar geen zin om de kunstkerstboom van zolder te halen en op te tuigen. Ik zet wel wat extra kaarsen neer, denkt hij, en 's avonds kan de open haard aan. Dat spaart gas en elektriciteit. De overheid maant tot spaarzaamheid, de energieprijzen dreigen het volk boven het hoofd te groeien. Het zal wel, zucht hij. Van een bekende kreeg hij informatie toegestuurd over het isoleren van zijn ramen. Hij besluit nog maar even te wachten. Hij is wars van gedoe, heeft zijn huis pas van buiten laten schilderen en het geld groeit hem niet op de rug.


Het zijn de donkere dagen voor kerst. Nat, grijs grafweer. De gemeente probeert de stad wat op te luisteren met feestverlichting, de energieprijzen ten spijt. Warnaar waardeert dat wel, hij is bang dat hij buiten anders zou stikken in chagrijn. Het loopt tegen half vier, de schemer kondigt zich al aan. Hij moet nog wat boodschappen doen, maar wacht al de godganselijke dag tot de weersvoorspelling, droog in de middag, eindelijk bewaarheid wordt. Hij moet vooral dringend naar de slijter.


Hij denkt ineens aan een kerst, heel lang geleden. Hij zat nog op de middelbare school en was wanhopig verliefd op een meisje dat hij niet aan durfde te spreken. Niet met al die puisten en mee-eters. Tijdens die kerst schreef hij een stapel gedichten voor haar. Gedichten die bij zijn eerste de beste verhuizing verloren gingen. Gelukkig maar, denkt hij, er is al genoeg rotzooi in de wereld.


Foto: auteur



woensdag, december 07, 2022

Plannen




In plaats van zijn Engelse neef neemt een vreemde stem op. Een man met een sappig Lancashire accent. Hij voelt zich direct thuis in het Engeland van zijn jeugd, de altijd zonnige zomers in het dorpje tussen Manchester en Liverpool. Hij weet dat hij de vele regendagen heeft verdrongen, zoals oud-dienstplichtigen alleen maar lol hebben beleefd aan hun tijd als militair. De man zegt dat hij de monteur van de kabeltelevisie is, waarna zijn neef het overneemt. Warnaar feliciteert hem met zijn verjaardag, verzwijgt het lichamelijk ongemak waaraan hij recentelijk lijdt en babbelt wat over het weer. Ze wensen elkaar een fijne dag.


Hij kijkt op de klok, maar nee, het is te vroeg voor de volgende pijnstiller. Hij loopt naar zijn slaapkamer, rolt een matje uit en begint aan de oefeningen van zijn therapeut. Engeland, denkt hij, terwijl hij even pauzeert. Ooit had hij plannen om er te gaan wonen, of in Wales, waarvan vooral het noorden zijn hart had gestolen. Zijn eerste vriendinnetje kwam er vandaan, maar was al jong met haar ouders verhuisd naar de Wirral, het schiereiland tussen de Mersey en de Dee.


Een enkele keer gingen ze een dagje naar Caernavon of Llangollen, vaak maakten ze lange wandelingen in de buurt van het gehucht waar ze woonde. Nog bij haar ouders. Dan deden ze het weleens stiekum achter een van de vele heggen. Als er maar geen vee in de wei liep. Dat een koe je in je kont kon kijken vond hij maar niks.


Foto: auteur



zondag, november 27, 2022

Aguardente velha




Het is weer zo'n kutzondag, denkt Warnaar, terwijl hij uit het raam naar het loodgrijze wolkendek en de natte straat staart. Hij haat regenachtige zondagen, hij haat de wintermaanden, vooral die zogenaamde donkere dagen voor kerst. Hij wenst degene die de wintertijd heeft verzonnen een langdurig verblijf in het vagevuur toe. Om half vijf al het licht aan, op dagen als deze nog eerder. Lekker met de huidige energieprijzen.


Ieder najaar als de bomen gaan verkleuren en uiteindelijk de straat vullen met afvalblad, dat de gemeentereiniging gewoon laat liggen, ondanks dat hij zich scheel betaalt aan zogenaamde reinigingsrechten, begint hij tegen de naderende winter op te zien. November, december, januari, februari, het kan hem allemaal gestolen worden. Soms boekt hij, om even een paar dagen uit de koude, nevel en nattigheid te zijn, een retourtje Lissabon, maar hij heeft last van een beknelde zenuw, die het lopen bemoeilijkt. Nog iets om chagrijnig van te worden. Evenals van die milieu-apostelen, die het liefst willen dat hij de trein naar Lissabon neemt.


Hoe lang is het geleden dat ik in Lissabon was, vraagt hij zich af. Hij weet het niet precies meer, wel dat hij regelmatig ging eten in het restaurant van de halfblinde fadozanger Luis Braga in de Rua Diario de Noticias. Wie noemt er nu een straat naar een dagblad? Het barstte er van de eetzaakjes met fado, maar in dat van Braga zag je vrijwel alleen Portugezen. Ze schonken er voortreffelijke aguardente velha, dat herinnert hij zich nog wel.


Foto: auteur