donderdag, april 30, 2020

Holle vaten



Hij vindt dat de tuin wel genoeg water heeft gehad en dat de zon moet doorbreken. Slecht weer verveelt snel, evenals de coronamaatregelen, al noodt het wel tot binnenzitten. In de keuken hangt een brandlucht. Twee dagen geleden had hij het gas te hoog en begon het handvat van een pan te schroeien. Het stinkt nog steeds. Hij moet aan Ierland denken, aan een turfvuur in een open haard. Ook daar kan hij voorlopig niet heen, de Prins onzer Dichters achterna. Die kwam graag in Ierland.

Vandaag wil hij de stapel achterstallige poëziemanuscripten voor de uitgeverij aanpakken. In ieder geval een eerste schifting maken tussen de serieuze inzenders, de goedbedoelende, maar altijd wat beklagenswaardige rijmelaars, de sneue, moreel verontwaardigden, de gekken en de poseurs. Je kunt het zo zot niet bedenken of je komt het tegen. Gelukkig vooral digitaal, dat scheelt in de oud papierbak.

Hij heeft een hekel aan poseurs. Narcistische potsenmakers, opgeblazen ego's die het moeten hebben van veel geschreeuw, gehuppel en armgezwaai op een toneel, maar nooit van het woord. Je bagger slijten met lef en lawaai. Holle vaten bommen het hardst. Zijn moeder zei het vaak. Hij denkt weleens dat iedereen tegenwoordig aan het dichten is, maar poëzie lezen en bundels kopen, ho maar. Heel Nederland bakt, maar bijna niemand die het ook opvreet.

Foto: auteur


woensdag, april 29, 2020

Liever de boot



Vliegen vindt hij vervelend reizen. Niet alleen het opgepakt zitten in zo'n enge sigaar, maar vooral het gedoe vooraf. Dat gekloot bij de controle. Ja hoor, hij weet het, het is, net als met de coronamaatregelen, voor je eigen bestwil. Er ligt tenslotte nog steeds hoogmoedig uitschot op de loer, moordenaarsvolk dat meent jou te mogen afmaken omdat jij niet in hun fantasieën of politieke idealen gelooft. Of misschien doe je dat wel, maar dan mogen ze je toch gerust opofferen voor hun hogere doel, dat natuurlijk alle middelen heiligt. 

Gewone, gevaarlijke, gefrustreerde gekken zijn er trouwens ook nog bij de vleet. Kijk maar naar de sociale media. Sinds bijna iedereen met een telefoontje kan filmen wordt het internet met gewelddadige stront overspoeld. Stront, vindt hij, dat klinkt pas vies. Vandaar dat iedereen shit zegt en fuck. Woorden die hun oorspronkelijke betekenis vrijwel volledig hebben verloren.

Hij neemt liever de boot. Op de een of andere manier geeft hem dat rust. Zijn reis naar Cambridge kostte vijf keer zo veel dan het vliegtuig en duurde een nacht en een halve dag in plaats van een paar uur. Hij vond het beslist de moeite waard. Etentje aan boord, glaasje whiskey achteraf, vriendelijk Thais personeel met onverstaanbaar Engels, buitenhut met zicht op zee. Wat wil een simpele provinciaal nog meer?

Foto: auteur

dinsdag, april 28, 2020

Engels weer



'Engels weer', gaat het door hem heen als hij een vuilniszak naar de container brengt. Een zacht regentje, weinig wind, milde temperatuur. Wat ontbreekt zijn de huizen van rode baksteen, muren die bij regen altijd een beetje lijken te glimmen. Het herinnert hem aan de zomervakanties van zijn jeugd, bij de familie in Lancashire, en aan zijn eerste verliefdheden. Waarom, vraagt hij zich af, wordt hij vooral aangetrokken door buitenlandse vrouwen? Of is dat maar inbeelding? Dat het gras bij de buren altijd groener lijkt?

Zijn eerste liefde was een Engelse, zijn tweede ook. Daarna een Française en ook nog heel even een Duitse. Er volgden wat Nederlandse meisjes en een Antilliaanse, maar zijn grote liefde was een Griekse. Inmiddels weduwnaar is hij heimelijk een beetje verliefd op een schrijfster van Perzische afkomst, maar zij zou z'n dochter kunnen zijn, dus bewaart hij keurig afstand als ze elkaar spreken. 'Men moet trachten zich niet belachelijker te maken dan men van nature al is', schrijf Kees Buddingh' in een van zijn dagboeken.

Vorig jaar was het net zulk weer. Hij logeerde in een hotel bij Parbold van waaruit hij fietstochten maakte door het diepgroene heuvelland, met soms een verkwikkend buitje. Engeland zat nog in de EU en het coronavirus veilig in een vleermuis of een schubdier. Een verloren wereld.

Foto: auteur


maandag, april 27, 2020

Illusie



Koningsdag. Meestal zorgt hij op deze dag in het buitenland te zijn. Hij houdt van een feestje, maar niet zo van dit. Al dat oranje op straat vindt hij maar pijnlijk voor zijn ogen en hij is allergisch voor opblaaskronen. Hoe debiel kun je zijn? Hij gunt het kaas- en broodvolk zijn feest, dan steekt het tenminste geen zendmasten in de fik, maar hij hoeft er niet bij te zijn. Dan is zijn tuin vandaag maar het buitenland, het is niet anders. Gelukkig werkt het weer mee.

Iemand heeft bedacht dat koningsdag vandaag woningsdag heet. Hij vindt het een mislukte flodder uit de koker van een derderangs reclamebureau. Iets in de trant van: 'Eet kaas van Verkerk, dan word je sterk!' Het niveau van een opblaaskroon.

Hij schenkt zich een kop koffie in, gaat op zijn veranda zitten, steekt een sigaartje op en staart somber de toekomst in. Hij wil vanmiddag naar de kroeg, hij wil vanavond met vrienden uit eten en hij wil niet denken aan de anderhalve-meter-maatschappij. Een illusie waarin je niet kunt leven. Hij denkt aan zijn oude hoogleraar staatsrecht. De nadruk die hij legde op de grondrechten. Dat tot vereniging en vergadering, gaat het door hem heen, en tot eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. Hij vraagt zich af hoe virusbestendig grondrechten eigenlijk wel zijn.

Foto: auteur


zondag, april 26, 2020

Oplawaai



Terwijl hij luistert naar OVT van de VPRO, bergt hij de bankafschriften op die hij het afgelopen jaar achteloos op een stapel heeft gelegd. Het eerste is van 15 april vorig jaar. Hij zou bijna naar Griekenland vliegen. Hij moest het woord voeren bij een boekpresentatie, de vertaling van De 'reddende' revolutie van historica Djamila Zon. Een aanrader voor wie belang stelt in het moderne Griekenland. 

Hij zou volgende week opnieuw afreizen naar Hellas, maar het virus..., of is het meer de angst voor het virus die de mensheid in zijn greep houdt? Hij weet het niet. Hij doet weliswaar aan internetbankieren, maar wil ook papieren afschriften. Hij vindt dat we ons al veel te afhankelijk hebben gemaakt van electronica. Wat als er een langdurige stroomstoring optreedt?

OVT bespreekt het boek De geldjas van Max Nord, geschreven door Harry van Wijnen. Hij heeft Max Nord een keer ontmoet in een wijnbar in Amsterdam, bij de presentatie van een kwartaalblad waarin hij af en toe iets schreef. Hij werd in hetzelfde jaar als zijn vader geboren. Ze spraken over de inhoud van het tijdschrift en over het Parool, herinnert hij zich vaag, maar niet over oorlog en verzet. In dat café liep ook een kat die van iedere bezoeker een oplawaai kreeg, maar zich daar ogenschijnlijk niets van aantrok.

Foto: auteur


zaterdag, april 25, 2020

Duizendpoten



Hij volgt een uitzending van de FC Dordrecht supportersclub via Facebook. Hoe ze dat doen begrijpt hij niet helemaal, erg technisch begaafd is hij niet, maar het werkt. Hij gaat graag naar wedstrijden van zijn club, maar ook daar heeft het virus voorlopig een einde aan gemaakt. Net nu het lekker weer begon te worden en een periodetitel in het verschiet lag. Hij mist de vrienden van de noordtribune, maar via het scherm zijn ze toch weer een avond in het stadion. 

Er wordt veel gemopperd op het stadion. Het is bouwvallig en klein, maar hij houdt van die licht weemoedige sfeer van verval, zoals hij ook van de herfst houdt. Niet van de stormen, maar van wat mistig, verstild herfstweer, waarin alles even stil lijkt te staan. De winter daarentegen haat hij, vooral de donkere dagen voor kerst. Hij zou dat seizoen het liefst overslaan, zoals hij deze crisisweken het liefst onmiddellijk zou zien verdampen.

Na de uitzending blijft de computer aan. Er volgt nog een half uurtje Kunstmin Live, het praat- en muziekprogramma van Kees Thies en Marjolein Meijers, waar hij vaste bezoeker is. Dordrecht is bij uitstek een muziekstad, vindt hij. Het wemelt er van muzikaal talent. Alleen al de huisband van Kunstmin Live, de Easytones. Hij zou zo direct geen betere, muzikale duizendpoten weten.

Foto: auteur


vrijdag, april 24, 2020

Rododendron



Hij zet een rododendron in de tuin. Sluitstuk van de voorjaarsbeplanting. Hij twijfelt nog wel of hij de klimroos zal vervangen door een passiebloem. De klimroos is hem te wild en te uitbundig, terwijl de bloemen snel verwelken. Net een jonge, woest levende dichter. Hij stelt het uit tot volgend voorjaar. Als er een volgend voorjaar is. Ook zonder corona aan enge ziektes geen gebrek.

Het is tijd, vindt hij, voor een vrolijke noot. Hij steekt een sigaar op, type corona. Kan hij ook niets aan doen. Er ligt nog een opdracht, maar eerst reist hij naar de zestiende eeuw. Jane Seymore, zuster van de schoondochter van Thomas Cromwell, is na de bevalling van een zoon overleden. Dat was schering en inslag in die tijd. Vooral door slechte hygiëne. Daar kwamen ze pas twee eeuwen later achter. Stel je voor, denkt hij, dat we nog twee eeuwen moeten tobben voor we genoeg weten om iets aan covid-19 te kunnen doen.

De rododendron herinnert hem aan zijn eerste brommer. Hij was zestien, de brommer derdehands. Hij een puber, dus nog ontoerekeningsvatbaar. Na een late rit uit Rotterdam, op veel bier, wankelde hij de ouderlijke tuin in. De zomernacht was zwoel. Hij werd 's morgens wakker naast een rododendron. Zijn ouders sliepen nog. Ze hebben nooit iets gemerkt, gelooft hij.

Foto: auteur


donderdag, april 23, 2020

ProRail



Er ligt een brief van ProRail. Over werk aan de nabije spoorlijn. Dat zou herrie geven. Hij meent het te horen. Als kind had hij twee inspirerende grootvaders. Niet alleen omdat ze beide pijp en sigaren rookten, een voorbeeld dat hij nog steeds met genoegen volgt, maar ook omdat de een treinmachinist was en de andere zeeman. Nu ja, tot het vijfde kind werd geboren en zijn grootmoeder vond dat opa nu maar eens een baantje aan de wal moest zoeken. 

Grootvader wilde het liefst een café overnemen, maar daar stak oma een stokje voor. Het werd een melkzaak. Minder inspirerend dan een kroeg, maar de kans dat je je eigen melkwinkel leeg drinkt is minder groot dan je eigen kroeg. Ooit kreeg een bekende Dordtse caféhouder de Underbergprijs voor de kroeg met de grootste omzet. Hij was de enige in de zaak die het spul ooit dronk.

Het is ineens weer stil buiten. ProRail lijkt tot bedaren te zijn gekomen. Hij hoort vloeken achter de heg. Hij vangt op dat de motor van de achterbuurman niet start. Niks geen werk aan de spoorlijn. De achterbuurman is iemand die niet goed weet wat hij, nog maar pas gepensioneerd, met zijn tijd moet doen en nu helemaal niet, met die coronatoestand. Dan is een beetje stoer rondrijden een uitkomst. 

Foto: auteur


woensdag, april 22, 2020

Afterparty



Het is warm en benauwd in Visser, heel warm. De kroeg is stampvol. Er speelt zo een band. De stad zit midden in het Big Rivers Festival. Daarvoor blijft hij op het eiland. Soms boekt hij spontaan een stedentripje, maar de dagen van Big Rivers zijn heilig. Vanavond is de afterparty in zijn stamcafé. Het geeft een thuisgevoel, al kan hij zich niet herinneren dat het in zijn woonkamer ooit zo druk is geweest.

'Kut'! Het is eruit voor hij het weet. De minister-president heeft gesproken. Hij zal nog weken niet naar Visser mogen. De staat van beleg duurt voort. Na de premier komt de professor. Cijfers, theorieën, alles gebaseerd op wat men weet en dat lijkt nog niet zo veel. Daarna barst de mediakakofonie los. De voor- en tegenstanders buitelen over elkaar heen. Een psycholoog rept over de domste maatregelen die denkbaar zijn. Hij voorspelt een massale opstand. Een politicoloog meent juist dat we op de goede weg zijn. Een econoom uit zijn bedenkingen en een horecaman barst in tranen uit.

De laatste tuinplanten wachten op de verandatrap. Gehaald bij de favoriete bloemist om de hoek. Iets duurder, maar dichtbij en hij gunt het die aardige mensen. Hij heeft ook een bloeiende orchidee gekocht, voor het eerst sinds jaren. Toen zijn vrouw overleed is de vorige verdord.

Foto: auteur



dinsdag, april 21, 2020

Vierennegentig



Het nieuws meldt dat de koningin van Engeland vierennegentig is geworden. Hij leest dat ze in isolatie zit in Windsor Castle. Windsor, daar is hij tegenwoordig dagelijks, in gezelschap van Thomas Cromwell, inmiddels lord Cromwell, tot zijn onthoofding in 1540 de belangrijkste minister van Hendrik VIII. Hij houdt van historische romans, ook al is hij altijd een beetje beducht als hij ze leest. Feit en fictie, dat zijn begrippen die je als historicus maar beter niet door elkaar kunt halen.

Zolang hij zich herinnert, is Elizabeth al staatshoofd van Engeland en nog heel wat meer landen. Die vormen het Britse Gemenebest, leerde hij op school. Toen hij acht was, kreeg hij zijn eerste briefje van neef Anthony uit Engeland. Het begin van een correspondentie die nog steeds doorgaat. Hij plakte de postzegels netjes in een album. Een jonge vrouw met een kroontje. De kleur hing af van de waarde. Threepence, sixpence. Engeland had toen nog het twaalftallige stelsel. Twaalf pennies in een shilling, twintig shilling in een pond.

Ze studeerden allebei geschiedenis. Anthony aan de Universiteit van Lancaster, hij aan de Universiteit Utrecht. Anthony is een Tudorspecialist. Hij weet veel van de Rozenoorlogen, de slag bij Bosworth en Hendrik VIII, maar niet of we de troonsbestijging van koning Charles III ooit zullen meemaken. Corona is er ook nog.

Foto: auteur


maandag, april 20, 2020

Dwarsdenkers



Warnaar opent de gordijnen. Met het zonlicht komt de nieuwste golf coronanieuws de kamer binnen. Op de radio, in de krant. Wanneer houdt het op? Er lijkt niets anders in de wereld te bestaan. De miljoenen vluchtelingen in het Nabije Oosten zijn verdampt. De ontwrichting van de economie en het sociale leven lijken problemen voor later. We zien wel. De vraag of het middel niet erger is dan de kwaal wordt alleen gesteld door een enkele columnist of econoom, die als 'dwarsdenker' wordt bestempeld. Rebellen en dwarsdenkers was het boekenweekthema van dit jaar. Al die mensen die door elkaar krioelden op het boekenbal, hoeveel werden met het virus besmet? Is er sprake van massale sterfte in letterenland?

Hij neemt de krant toch maar even door. De redactie schrijft dat de basisscholen weer open moeten. Volgens professor Van Dissel van het RIVM was sluiting nooit nodig, maar bange ouders en leerkrachten zorgden voor 'maatschappelijke druk' en daar zwichtte het kabinet voor. 

Hij leest dat tot nu toe 32.655 coronabesmettingen zijn geregistreerd. Vermenigvuldig dat voor de zekerheid eens met twee. Dat is 65.310. We zijn met zeventien miljoen mensen. Dat geeft te denken, meent hij. Het aantal geregistreerde genezingen staat er niet bij. Hij vraagt zich af: zou dat te geruststellend zijn? Dat het volk dan helemaal niet meer thuisblijft?

Foto: auteur




zondag, april 19, 2020

Zivania



Hij laat een ei vallen. Het spat uit elkaar op de keukenvloer. Daarna breekt het lusje van een theedoek. 'O', mompelt hij, 'wordt het zo'n dag'. Hij praat de laatste tijd meer in zichzelf. Hij dweilt de vloer en terwijl die opdroogt, repareert hij het lusje. Hij zat een blauwe maandag bij de padvinderij. Zo kort als het duurde, heeft hij daar toch een paar handige dingen geleerd: een knoop aanzetten, een ei bakken, knopen leggen in een touw. Het clubhuis zat in een oud pakhuis aan de haven. Dat is later tot luxe appartementen verbouwd.

In Griekenland en op Cyprus is het Eerste Paasdag. Drie van de vier keer vieren ze het sprookje daar op een andere datum dan de rooms-katholieken en protestanten. Dat komt door een ruzie uit 1054. Toen kregen de paus in Rome en de patriarch in Constantinopel het met elkaar aan de stok over enige theologische haarkloverijen en vooral over wie eigenlijk de baas was over de christenheid. Elkaar de tent uit vechten, daar waren de volgelingen van de barmhartige woestijngod goed in.

Hij herinnert zich een Paasfeest, samen met zijn vrouw, op Cyprus. Op zaterdag een processie met een muziekcorps van het leger voorop en daarna twee dagen met veel, heel veel eten en drank. Zivania noemen ze de tsipouro op Cyprus.

Foto: auteur


zaterdag, april 18, 2020

Dansje



De zon is nog maar net op. Drie graden zegt de buitenthermometer. Dauw over de tuin. De perenboom, ook al vroeg wakker, in volle bloei, alsof er een veelbelovende zomer voor ons zou liggen. De routine van het huis: brood in de oven, de krant keurig bezorgd. Hoe doen ze dat toch? Het oudste huis-aan-huis-blad van de stad schitterde zolang in vrijwel alle wijken door afwezigheid, dat ze het tenslotte maar hebben opgedoekt. Hij perst een paar sinaasappels uit.

De buurkat wil naar binnen. Even rollen over het Nepalese tapijt. Hij laat haar maar begaan. Een jaar of vier en nog steeds een speelse juffrouw. Als ze uitgerold is miauwt ze en kijkt hem vragend aan, maar eten moet ze toch echt bij de buurvrouw halen. De radio brengt weer niets anders dan coronarampnieuws. 'Kotscorona', zegt hij. Het klinkt grappiger dan hij bedoelt.

Hij zet de radio uit en zoekt Scotch the Band op Spotify. Hij begrijp niet waarom Scotch niet al lang wereldberoemd in Nederland is, net als stadgenote Merol. De perfecte folkrock, vindt hij, waar hij altijd vrolijk van wordt, die zijn somberste buien verdrijft. Origineel ook en muzikaal klopt het tot in de puntjes. Eén van hun nummers heet I will survive. 'Kotscorona!' roept hij, maar hij doet toch even een dansje door de woonkamer.

Foto: auteur


vrijdag, april 17, 2020

Voor eigen bestwil



In The Mirror and the Light van Hilary Mantel wordt een radicale, Londense dominee gevangen gezet in de Tower 'voor zijn eigen bestwil'. Paapsgezinden, die de breuk met Rome door Hendrik VIII niet accepteerden, zouden hem wat kunnen aandoen. Opgesloten zat hij veilig. Er zijn landen waar de bevolking voor eigen bestwil vastzit, zoals in Spanje. Nederland gaat niet zo ver. We worden geadviseerd om binnen te blijven. Voor eigen bestwil en voor die van onze medeburgers. Anders is er straks geen plaats meer op de door jarenlange bezuinigingen getroffen intensive care-afdelingen. 

De regering doet zijn best, vader Rutte waakt over ons, maar eens zal er verantwoording moeten worden afgelegd over zoveel onverantwoordelijkheid. De bewindslieden zullen ook antwoord moeten geven op de vraag of het middel niet erger was dan de kwaal. De econoom Lars Jonung heeft het over een overreactie die neerkomt op harakiri. Wat zullen toekomstige historici schrijven? Misschien zal hij dat nooit weten. Hij is van lichtgevorderde leeftijd en een oordeel vellen vergt nu eenmaal afstand in tijd.

Hij herinnert zich een vriend, lid van de Socialistische Jeugd, die vond dat iemand, die zegt dat iets 'voor je eigen bestwil' is, eigenlijk meteen moet worden doodgeslagen. Dat was in de door lange haren en woeste baarden omkranste jaren zeventig. Het lijkt hem wat erg radicaal.

Foto: auteur


donderdag, april 16, 2020

Twijfels



Operatie geslaagd, patiënt overleden. Het maalt voortdurend door zijn hoofd, zeker nu hij in het ochtendblad de column van Sylvain Ephimenco leest, die twijfelt aan de effectiviteit van de 'lockdown'. Waar die het strengst is, in Italië, Spanje en Frankrijk, vallen relatief de meeste doden. Het middel zou weleens erger kunnen blijken dan de kwaal en uiteindelijk veel meer dodelijke slachtoffers kunnen maken dan het coronavirus. Het sterftecijfer zou vooral verband houden met schaarste aan bedden en apparatuur op de intensive care. 

Hij denkt aan de watersnoodramp van 1953, die onder meer veel slachtoffers eiste door het gebrekkige onderhoud van de dijken. Hij denkt aan de bezuinigingsdrift van de kabinetten-Rutte, waardoor wie weet hoeveel ic-bedden in de zorg verdwenen. Ephimenco klinkt plausibel, maar hoe zit het dan met Griekenland, waar men op een bevolking van bijna tien miljoen inwoners over nog geen zeshonderd ic-bedden beschikt? Zijn die opvallend lage, Griekse sterftecijfers wel betrouwbaar? Hij kent de slecht werkende bureaucratie daar maar al te goed.

De twijfel zal voorlopig wel blijven, net als de angst. Het bizarre dansen om elkaar heen op straat en in winkels, de schrille roep om mondkapjes, een woord dat hij niet meer kan horen. Voor het eerst van zijn leven spreekt het gezegde 'doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg' hem aan.

Foto: auteur

woensdag, april 15, 2020

Llangollen



De krant kopt met reuzenletters dat de overheid tot driemaal toe adviezen over de aanpak van pandemieën heeft genegeerd. Dat verbaast hem eigenlijk niets na het wildwestgedrag van de belastingdienst in de toeslagenaffaire, de doofpotzaken bij defensie, de achterstanden bij de IND en het steeds weer mislukken van IC-projecten bij de overheid. Hij denkt maar even niet aan de bezuinigingen in de zorg, het lerarentekort en wat er misgaat bij de kinderbescherming. 

Hij legt de krant terzijde. Zijn hoofd is bij andere dingen dan het falen van de overheid, al kan het natuurlijk ook zijn dat die genegeerde adviezen gewoon slecht waren of tegen de dogma's van het neo-liberalisme ingingen. Het komt natuurlijk door het uitzoeken van oude foto's, maar in gedachten zwerft hij al dagen door Wales. Noord-Wales om precies te zijn. Llangollen, om nog preciezer te zijn. Met studievrienden kampeerde hij bij farmer Jones, even boven het stadje. Jones, het Van den Berg of De Vries van Wales. 

Kamperen was eigenlijk helemaal niets voor hem. Tijdens latere bezoeken, met geliefden, met zijn vrouw, namen ze een hotel, meestal het Bridge End, lekker centraal en niet duur. Als het kon, fantaseert hij, nam ik vanmiddag nog de boot naar Hull, vandaar de trein naar Chester en de bus naar Llangollen. Die gaat via Wrexham, herinnert hij zich.

Foto: auteur


dinsdag, april 14, 2020

Discipline



Hij sleept de bak met tuinafval naar de straat. Er staan geen andere bakken. Op de afvalkalender ziet hij dat de vuilnisman morgen pas komt. Vanwege Pasen. Hij haalt hem terug naar de tuin. Hij is tenslotte goed opgevoed. Daar wilde hij als puber natuurlijk niets van weten. Hij heeft een oude foto van zichzelf gescand. Een adolescent in een te lange winterjas met een hoed van zijn vader. Toen waren er nog geen petjes onder een capuchon, de mode van achterlijke jongetjes die homo's bedreigen. 

De krant heeft het over 'coronadiscipline'. Het schijnt dat 'wij' ons daar goed aan houden. Dat 'wij' ook een bijzondere mate van verbondenheid met elkaar hebben. Voor zolang het duurt, aldus een professor in hetzelfde artikel. Discipline, hij vindt het een dubieus begrip, behalve misschien zelfdiscipline, en 'wij' wekt wantrouwen. Meer discipline en 'wij' die één lijn moeten trekken, het was altijd weer het zwaktebod van onbekwame collega-docenten zonder orde.

De vijftienjarige rebel in hem is nooit helemaal uitgedoofd, ook al staat de afvalbak weer netjes in de tuin. Hij leest over Italië, waar je niet zonder een speciaal formulier de straat op mag, waar de politiestaat veel knellender is dan hier, maar met minder positieve resultaten dan bij ons. Dat begrijpt hij van columnist Sylvain Ephimenco. Die zit daar ergens gevangen.

Foto: auteur


maandag, april 13, 2020

Lothlórien



Ga alleen de straat op als het nodig is, zegt de regering. Wat moet hij daaronder verstaan? Boodschappen doen? Ja. Naar de bank? Ja. De krant bij zijn zwager in de bus doen? Ook wel, anders zit hij straks met die stapel oud papier en ze komen maar een keer in de maand langs om de troep op te halen. Planten kopen voor de tuin? Zeker, meent hij, want je moet mee op het ritme van de natuur. 

Het weer is omgeslagen. Van de tuin komt vandaag weinig. Ineens giert de wind, die de stad wekenlang teisterde, weer door de schoorsteen alsof hij nooit is weggeweest. Goed weer om eens te grasduinen in oude fotoalbums, ter herinnering aan betere tijden, toen zijn vrouw nog leefde en ze lange zomerreizen door Griekenland maakten. Hun eerste bezoek aan Samothraki, een eiland met een magische uitstraling: veel groen, veel hortensia's, paden langs snelstromende beken naar watervallen in het bos, warmwaterbronnen uit de oudheid en enorme platanen. Een landschap dat hen aan Tolkien deed denken, aan het wonderschone elfenland Lothlórien. Ze hadden in die tijd twee cavia's die ze Meriadoc en Peregrijn noemden.

Op de terugweg stormde het, maar toen ze langs het eiland Thasos voeren, viel ineens de wind weg en werd de zee spiegelglad. Zo gaan mensen in wonderen geloven.

Foto: auteur



zondag, april 12, 2020

Sla



Eerste Paasdag en nog mooi weer ook. Hij herinnert zich menige Pasen waarop het kouder was dan met kerst. Sinds zijn vrouw op tweede kerstdag overleed, weigert hij kerst met een hoofdletter te schrijven. Hij heeft niets met religieuze feestdagen, behalve dat het vrije dagen zijn. Nu het iedere dag zondag is, gaat het sprookje van de wederopstanding min of meer ongemerkt voorbij. Hij bakt een eitje. Hij eet iedere zondag een ei bij het ontbijt. Niks de Heer is waarlijk opgestaan.

Zijn favoriete radioprogramma, Studio De Witt, heeft hij gistermorgen uitgezet. Er was een dominee te gast. Hij heeft het wel gehad met de blijde boodschap. Onlangs las hij The Darkening Age. The Christian destruction of the Classical World van Catherine Nixey. De vroege christenen waren vooral ongeletterde fanatici, uit op moord, doodslag, plundering en het eigen gelijk, opgejut door zotten die geloofden dat je een kruis moest slaan boven je sla, anders glipten de demonen mee naar binnen. De taliban en aanverwante, verlichte geesten zijn er niets bij.

Hij denkt aan de activisten die ook in Nederland zendmasten in brand steken omdat ze geloven dat het coronavirus door G5 wordt verspreid. 'Onbekenden', meldt de radionieuwsdienst. 'Vast van die lui die een kruis zouden slaan boven hun eten', meent hij, terwijl hij z'n eitje naar binnen werkt.

Foto: Brian Lord


zaterdag, april 11, 2020

Vlaggetjesdag



De premier heeft het over 'de anderhalve-meter-samenleving' en dat dat 'het nieuwe normaal' is geworden. Een minister prijst een applicatie aan die kan bepalen of je in de buurt van iemand bent geweest die besmet is met corona. 'Ga toch door', denkt hij, 'dat moeten we nooit normaal gaan vinden. Zet liever alles op alles om een vaccin te ontdekken'. Hij ergert zich aan het aanprijzen van een tijdelijke uitzondering als normaal. Dat de overheid zich aan wetenschappelijk advies houdt, vindt hij prijzenswaardig, maar wat weten de wetenschappers eigenlijk? De helft van het raadsel? Een kwart? Driekwart? Voldoende?

Een goede vriend belt: 'Er hangt iets aan je deurknop'. De goede vriend heeft een adresje, een zorgvuldig geheim gehouden adresje, waar hij een zeldzame soort kaas koopt waar Warnaar dol op is. Hij is een kaasman: zonder kaas geen leven. Er hangt een onovertroffen delicatesse aan de deur. Zijn ergernis over het nieuwe normaal slaat om in een zonnig humeur. De wasmachine fluit. Hij hangt het goed te drogen in de tuin. Vlaggetjesdag.

Die applicatie gaat hij zeker niet installeren. Er zijn grenzen aan de overheidsbemoeiing bij de virusbestrijding. Hij zet nu al regelmatig zijn telefoon in de vliegtuigstand als hij de deur uit gaat. Nee, hij heeft niets te verbergen. Toch wil hij geen gluurders voor het raam.

Foto: auteur


vrijdag, april 10, 2020

Maniak



Het is druk bij de favoriete bloemist. Daar had hij even niet aan gedacht: Goede Vrijdag. Je gaat nu liever niet naar je bejaarde ouders, dus dan maar bloemen, dat is in ieder geval iets. Hij heeft geen zin om lang in de rij te staan en weet een alternatief, een stukje fietsen, aan de andere kant van de spoorlijn. Niet ver van de begraafplaats.

Hij ziet de spoorlijn als een denkbeeldige grens. Aan zijn kant, die van het centrum, ligt het echte Dordrecht, aan de andere kant begint langzamerhand Azië. Er is nog wel een soort schemergebied: de vriendelijke, vooroorlogse wijken net over de lijn en de Tempel der Beschaving, zoals het stadion van FC Dordrecht wordt genoemd. Wat verder weg ligt, tja, hij komt er weleens, maar het is een andere wereld. Onzin, weet hij, maar zolang het onschuldige onzin is, kan het geen kwaad.

Hij verwacht ook hier drukte, maar die valt mee. Hij is uit op hortensia's. Omdat hij verlangt naar het Griekse eiland Samothraki, waar ze in de zomer overal bloeien. De voorradige hortensia's blijken een stuk groter dan hij dacht. Op een zwaar beladen fiets rijdt hij terug naar huis. Wiebelend door het krankzinnig bochtige fietstunneltje onder het spoor, weet hij nog net een voorbij scheurende maniak op een scooter te ontwijken.

Foto: auteur


donderdag, april 09, 2020

Tuin



De tuin ligt er glad bij. Te glad. Wat moet er tussen de vaste planten komen? Hij hoorde dat zijn favoriete bloemist gelukkig nog open is. Naar het tuincentrum wil hij niet. Het is daar te massaal. Ja, een ruime keuze in tuinkabouters, dat natuurlijk wel, maar hij heeft al een tuinkabouter. 

Eerst maar even de krant. Hij heeft hem toch maar niet opgeschort. Dat je het virus zou kunnen oplopen door bij het ontbijt de krant te lezen (je weet het maar nooit met die bezorger), beschouwt hij als een van de vele kletspraatjes die de ronde doen. Hij leest een artikel over hoe pandemieën de loop van de geschiedenis hebben bepaald. Dat de Spaanse griep bijvoorbeeld voor betere arbeidsomstandigheden zorgde, omdat arbeid schaars werd vanwege het aantal slachtoffers. Zo hebben de cholera-epidemieën in de negentiende eeuw mede bijgedragen aan het dempen van allerlei grachten en spranten in zijn stad, al was de ellende pas over toen er rioleringen kwamen en een 'hogedrukwaterleiding'. 

De toren die werd gebouw voor die waterleiding staat er nog. Hij is, met aanklevende gebouwen, getransformeerd tot hotel en restaurant, met een sfeervolle binnentuin, waarin van alles wordt gekweekt voor eigen keuken. Daar zou hij nu dolgraag koffie willen drinken. Hij voelt een mengeling van ergernis en melancholie opkomen. Tijd voor de tuin.

Foto: auteur

woensdag, april 08, 2020

Middenklasser



Voor de grote elektronicazaak staat een rij wachtenden, min of meer op de eenmetervijftigstip. Aan de overkant is een kleine winkel met 'Telefoonreparatie en verkoop' op het raam. Liever kleine ondernemers dan megazaken. Dat ze ook repareren, wekt vertrouwen. Bij zo'n keten moet je maar afwachten wat er gebeurt als onverhoopt een schroefje losraakt. 'Maximaal drie mensen in de winkel', zegt een briefje op de deur. Binnen staat een puber met een petje. Hij groet beleefd terug.

Uiteindelijk kiest hij een middenklasser. Goedkoop is duurkoop, maar zo'n ding met duizend mogelijkheden die hij toch niet gebruikt, hoeft hij ook niet. 'Een goede keuze, meneer', zegt de verkoper, een jonge man met een oosters accent, 'die heb ik zelf ook'. De verkoper wisselt de sim-kaart en verricht enkele handelingen waarvan Warnaar niets begrijp. Hij is eigenlijk nog een beetje van het bakeliet en de draaischijf.

De avond gaat op aan het overzetten van gegevens, het installeren van een paar applicaties en vooral het uitschakelen van allerlei hinderlijkheden als de autocorrectie en de mogelijkheid te worden gevolgd. Er doen verhalen de ronde over overheidsplannen voor een app die je gangen kan nagaan. Hij maakt zich geen illusie, ze kunnen dat nu ook al, maar voor zijn gemoedsrust wil hij daar niet aan denken. Hij heeft zijn nachtrust hard genoeg nodig.

Foto: auteur


dinsdag, april 07, 2020

Pijn



Hij heeft zijn vlucht naar Griekenland geannuleerd. Met pijn in het hart. Hij keek uit naar het weerzien met vrienden en familie, naar zijn buurt in de bovenstad van Thessaloniki, naar de mensen in Konaki, zijn favoriete familierestaurant, naar zijn stamcafé Odysseas, naar de schrijvers, studenten en professoren in Baraka, naar zijn wandelingen langs de boulevard, naar de dierbare herinneringen aan zijn vrouw, die horen bij haar geboorteland. 

Het zit er niet in. Als er al een vlucht zou zijn (want een auto heeft hij niet meer, drie dagen per trein, boot en bus is teveel gevraagd en fietsend gaat hij ook niet), dan zou hij twee weken in quarantaine moeten. Daarvoor is zijn studio te klein, zeker vergeleken met zijn huis in Dordrecht, de veranda en de tuin, waarmee hij nu extra blij is.

Hij zal straks de stad in moeten. Gisteren is de telefoon uit zijn zak gevallen. Het moest een keer gebeuren, na zoveel jaren. Hij is nog goed bruikbaar, maar er zitten barsten in het scherm. Het is een oud ding met kuren, dat allang vervangen had moeten worden, maar zolang iets het nog doet, blijft hij het liever gebruiken. Een tijdje geleden ging de koelkast kapot. Die had het bijna twintig jaar volgehouden, evenals de wasmachine. Het scheelde onverwacht veel in de elektriciteitsrekening.

Foto: auteur


maandag, april 06, 2020

Hersenverweking



Hij laat de kuip vollopen en giet er een flinke scheut badolie bij. Beauty oil, vermeldt het etiket. 'Het zal wel', bromt hij. Het is een zonovergoten morgen. Voor het eerst dit seizoen hoeft na het opstaan de verwarming niet aan. Het is lang geleden, misschien wel een jaar of drie. Meestal volstaat hij met een stortbad voor hij aan zijn dag begint, maar vandaag besluit hij zichzelf te verwennen met een half uurtje weken. Er is tenslotte alweer genoeg ellende uit de radio gekomen.

Een stelletje complotgekken heeft in Engeland zendmasten in brand gestoken omdat ze geloven dat het virus en G5 iets met elkaar te maken hebben. Je zou maar net dringend de brandweer of de dokter nodig hebben. Waarom lijdt een bepaald soort halvegaren toch steeds weer aan gevaarlijke hersenverweking?, vraagt hij zich af. Hij moet denken aan een uitspraak van Kees Buddingh', in een van zijn dagboeken: 'In iedere vorm van buitenparlementaire actie schuilt een kiem van fascisme'.* Buitenparlementaire actie, zo noemden ze vroeger het activisme.

Het half uur vliegt voorbij. Hij doucht en kleedt zich aan. Hij voelt zich ontspannen en fit, aan niets is te merken dat hij gisteren bij een gastvrije vriendin een flesje wijn heeft leeggedronken. Ze heeft een tuin van dertig meter diep. Dat was nog eens afstand houden!


*C. Buddingh', Een mooie tijd om later te worden. Amsterdam 1978. p. 62.

Foto: auteur



zondag, april 05, 2020

Wreed



Hij scheurt het blad van zijn weekkalender. Hij ziet wat hij de komende dagen gaat missen. De vriendenavond in het café, een excursie met oud-collega's, de verjaardag van een vriendin. Overkomelijk, maar niet week na week. Hij voelt dat de twijfel knaagt. Hij vraag zich af: 'Is dit niet buitenproportioneel, schromelijk overdreven, ingegeven door paniek'? Een vraag waarop hij het antwoord nog niet weet, maar die in een steeds groter lettertype opdoemt.

Zijn dagblad adviseert een dagboek bij te houden over de crisisdagen. Drie schrijvers, Nicolien Mizee, Tommy Wieringa en Ronald Giphart geven tips. Hij moet glimlachen. Hij houdt al vijfenveertig jaar een dagboek bij. Bijna honderd cahiers, opgestapeld in een kluis bij de bank. Zou hij daar nog bij kunnen komen? Soms raadpleegt hij een cahier en vaak is het schrikken om te lezen hoe het geheugen het verleden in de loop der tijd verdraait. Ja, denkt hij, goede tip van de krant. Hij weet hoe zijn dagboek voorkwam dat hij gillend gek werd tijdens de ziekte en het overlijden van zijn vrouw.

Hij belt met een nicht uit het noorden. Ook ineens onbereikbaar geworden. Ze vertelt dat ze zijn tante, haar moeder van bijna negentig, niet meer mag bezoeken. Dat die gevangen zit op haar kamer in het verzorgingsgesticht. 'Wreedheid om eigen bestwil,' zegt hij huiverend.

Foto: auteur


zaterdag, april 04, 2020

Markt



Hij leest dat de ernstigste pandemie die tot nu toe in Europa woedde, de pestepidemie van 1346 tot 1351 was. Er stierven zoveel Europeanen, dat het tot ongeveer 1600 duurde voor het bevolkingsaantal het peil van 1400 weer bereikte. In de boekenkast staat A Distant Mirror van historica Barbara Tuchman, dat in het Nederlands is uitgebracht als De waanzinnige 14e eeuw

Het was nogal een bewogen eeuw. Met die epidemie, maar in 1337 begon ook de Honderdjarige Oorlog tussen Engeland en Frankrijk en in 1345 sneuvelde de Hollandse graaf Willem IV in de slag bij Stavoren. Met een conflict over zijn opvolging begonnen de Hoekse en Kabeljauwse Twisten. Zijn onderwijzer in de zesde klas kon daar sappig over vertellen. Net mevrouw Tuchman. De man speelde ook prachtig viool, meestal aan het eind van de week, op vrijdagmiddag.

De oorsprong van die pandemie lag ergens in Azië. Via handelscontacten en reizigers kwam de ziekte naar Europa, net als het huidige virus. Op een onvoorstelbaar gore markt, waar lekkere hapjes als vleermuizen en slangen levend werden verkocht, is covid19 overgesprongen op de mens. China, het Verre Oosten, Ons Indië. Hij vraagt zich af waarom hij daar, ondanks zijn grote interesse in de geschiedenis van die gebieden, nog nooit heen is gereisd. Misschien het idee op zo'n markt te kunnen verzeilen?

Foto: auteur


vrijdag, april 03, 2020

Snaveldragers



Vanmorgen ziet hij in de stad de eerste mensen met een mondkapje op. Hij vindt het een luguber gezicht. Zo iemand is óf besmet, en heeft dan op straat niets te zoeken, óf niet goed snik. Hij hoort het die man van het RIVM pas nog uitleggen. Dat zo'n ding weinig zin heeft omdat de meeste virussen er dwars doorheen gaan, of zich als een virusbom ophopen voor je mond. Bij onkundig gebruik kunnen ze juist gevaarlijk zijn en eerder tot besmetting leiden. Ze geven een misplaatst gevoel van veiligheid. Mondkapjes, uitsluitend van een speciaal type, hebben alleen zin in het ziekenhuis. 

'Natuurlijk kijk ik uit, maar de mensen doen er zo vreselijk spastisch over, soms trek ik dat niet meer,' klaagt een vrouw bij de slager. De slager is het met haar eens. Hij is het altijd met zijn klanten eens. Hij kijkt erbij alsof hij het meent. Op school leerde hij dat bij pestepidemieën snavelvormige maskers met kruiden werden gedragen, als bescherming tegen schadelijke dampen. Een fabel, maar als het waar was geweest even zinloos als mondkapjes. Hij luistert liever naar de deskundigen, al weten die ook niet alles.

Op Facebook beweert iemand stellig dat het virus alleen gevaarlijk is in combinatie met een 5G-netwerk. 'Weer zo'n snaveldrager,' denkt hij, 'idioten ontloop je ook werkelijk nergens.'

Afbeelding: Michel Serre - ‘La Tourette’, 1720. Atger Museum, Montpellier.




donderdag, april 02, 2020

Vermaak



Hij luistert liever naar de wekelijkse 'poffercast' van zijn stamcafé Visser dan naar de rampberichten op de radio. Gisteren kwam de nieuwe on-line. Gezellig geklets met een jonge hoofdgast, een prille onderwijzer, met de even jonge kroegbaas als gespreksleider, alsof hij zijn leven lang niets anders heeft gedaan. Ruim een uur kostelijk vermaak. 

Het taalgebruik van de jongelui valt hem op. Een veelvuldige term als 'lauw', het woord 'fuck' dat, los van de oorspronkelijke betekenis, een soort verbindingswoord lijkt. Hij voelt, met een tikje jaloezie, iets van een generatiekloof. Hij is uit de tijd van 'weet je wel' en 'helemaal te gek'. 'Mieters' was net uit, wie daarvan wil genieten moet bij Het Bureau van Voskuil zijn. Dat gaat hij misschien wel herlezen, al is hij net begonnen aan The Mirror and the Light van Hilary Mantel, over het leven van Thomas Cromwell. Tijdens zijn ontbijt wordt Anne Boleyn onthoofd, waarna de heren in de Tower gezellig gaan ontbijten.

Geheel buiten de deur kan hij de rampberichten niet houden. Er dreigt een medicijnentekort, omdat we ons uit neo-liberaal winstoogmerk vrijwel geheel afhankelijk hebben gemaakt van landen als China en India. Het advies een buffervoorraad aan te leggen heeft de regering ooit in de wind geslagen. Verbijsterend kortzichtig en levensgevaarlijk, maar dat zijn de meeste kiezers zo weer vergeten.