zondag, januari 04, 2015

Brieven aan Stella (35)




Lieve Stella,

Toen met oud & nieuw het vuurwerk met volle kracht losging, moest ik weer denken aan de avond dat mijn moeder overleed, op 31 december 2006, om half zeven in de avond. Tegen de tijd dat alles wat er dan moet worden geregeld ook geregeld was en wij naar huis konden, barstte het vreugdevuurwerk los. 'Ma knijpt er niet stilletjes tussenuit,' zeiden wij, wetend dat mijn moeder zulke humor wel op prijs stelde. Wat we niet wisten was dat ik jou precies een jaar later in Griekenland zou begraven. Zonder vuurwerk, op de gure, winderige begraafplaats van Thessaloniki, want ook in jouw vaderland wil het weleens even koud zijn en vuurwerk steken ze er pas af met Pasen. Ik heb ondanks alle nare, droevige herinneringen de kerstdagen en oud & nieuw aangenaam doorgebracht. Woensdag wist ik eigenlijk nog niet goed wat ik zou doen. Ja, naar de oudejaarsborrel bij Visser, daarna misschien naar Joep van 't Hek kijken en nadat de ergste kruitdampen zouden zijn gaan liggen misschien naar Merz of een ander feestetablissement. Ik zou wel zien, maar tijdens de borrel bij Visser stuurden Heleen & Bo mij een sms-je of ik zin had naar hen te komen. Lekker dichtbij en altijd gezellig, dus tegen een uur of half elf stond ik met een paar flessen wijn op de stoep. Het werd een aangenaam samenzijn al zat arme Heleentje aan het alcoholvrije nepbier, omdat ze vijf maanden zwanger is. Misschien klopt het wel dat niet roken en niet drinken beter is voor een ongeboren kind, maar de generatie van onze ouders rookte en dronk gewoon door tijdens de zwangerschap en ik geloof niet echt dat ik daar iets aan heb overgehouden.

Een tijd geleden was ik op een feestje waar ook een zwangere jongedame rondliep. Toen ik op een gegeven ogenblik een sigaartje opstak, begon een oudere heer aan de overkant van de kamer hevig te gesticuleren en op de zwangere buik te wijzen. Zo'n reactie is typerend voor hysterisch Nederland, maar goed, ik waardeer het dat aanstaande moeders een beetje voorzichtig zijn in de trant van 'baadt hij niet, hij schaadt ook niet.' Nu zal er wel weer een reactie komen van een of andere betweter die ons familiegrapje niet kent en mailt dat die uitdrukking fout is. Je vraagt je soms af waar de mensen zich mee bemoeien. Dat vroeg ik mij toen bij die oudere heer ook af, vooral omdat de zwangere jongedame het allemaal prima vond en zich niet druk maakte. Het vuurwerk zorgde weer voor een ongehoorde hoeveelheid kruitdampen, maar of die schadelijk zijn voor het ongeboren kind, staat niet ter discussie. Ook vergeten de dierenvrienden even wat al dat geknal bij de geliefde hond of kat teweegbrengt, de lol van vuurwerk afsteken gaat voor. Ik ben geen moralist en ik ben ook niet zo van het verbieden, maar met dat vuurwerk mag het best een onsje minder en als jouw puber dagen voor en na de jaarwisseling loopt te knallen met zijn pubervriendjes, dan deugt er iets niet aan jouw manier van opvoeden. Dat de politie pontificaal aankondigt dat handhaving van de vuurwerktijden geen prioriteit heeft, vind ik oliedom. Ik begrijp wel dat die agenten belangrijker dingen te doen hebben dan achter verveliootjes aan te gaan, maar zeg dat alsjeblieft niet hardop. Ik geef eerlijk toe, want zo ben ik ook wel weer, dat ik het afsteken van vuurwerk in de straat bij Heleen & Bo wel leuk vond. Zelf deed ik er niet aan mee, een paar andere gasten wel, maar verantwoord en met vuurwerkbrillen op. Ze hadden ook geen illegale rotzooi en het was niet overdreven veel, zodat het niet op kon, want op een gegeven ogenblik wil je toch weer binnen aan je borrel. Zeker omdat het koud en winderig was.

Er was even sprake van dat Lianna en Evi, twee dames die ik weleens in Loxias spreek, rond nieuwjaar een toeristisch bezoek aan Dordrecht zouden brengen. Het ging niet door nadat ik het had afgeraden vanwege het weer in deze tijd van het jaar. Gelukkig maar, dacht ik eergisteren, want Dordrecht op 1 januari, daar wil je als toerist niet zijn. Je ziet geen hond op straat en negen van de tien horecagelegenheden zitten stijf op slot. Wat een kleindorpse treurnis in 'de festivalstad van Nederland.' Het Stadscafé was gelukkig wel open, met zicht op het uitgestorven Scheffersplein en een ledige Voorstraat. Het was helemaal de sfeer van de Dordtse Synode. Je zou bijna medelijden krijgen met Aai van de Beurs.

In de media was uiteraard aandacht en ophef over alle veranderingen die wij per 1 januari door de regering krijgen opgedrongen. Werklozen, zieken en behoeftige bejaarden dienen voortaan bij de gemeente aan te kloppen in plaats van bij Den Haag. Lekker dichtbij, ons kent ons, zou je zeggen, kan handig zijn, maar op de centen die de gemeenten daarvoor krijgen wordt stevig beknibbeld. Dat kan nooit goed gaan. De verzorgingstehuizen worden bijvoorbeeld gesloten en de werkster wordt in veel gevallen niet meer vergoed. De bejaarden, een categorie waar ik onvermijdelijk ook een keer bij ga horen, moeten het maar gewoon zelf uitzoeken, daar komt het op neer. Het wordt natuurlijk allemaal voorgesteld als geweldige verbeteringen, waar we ontzettend blij mee moeten zijn, maar ik moet het nog zien. Ik voel er niet zo voor om, als ik het zelf niet meer kan, door de buurman onder de douche te worden gezet. We gaan de kant van Griekenland op, vrees ik, waar je alle zorg die je wilt kunt krijgen als je een dikke bankrekening hebt en het voor de rest van de bevolking 'jammer dan' is. Ik heb geen dikke bankrekening, maar als het eenmaal zover is hoop ik nog wel geld te hebben voor een touw en een stevige haak, want de pil van Drion zal nog wel jaren uit diepmenselijke overwegingen worden tegengehouden door het streng gelovige deel der natie.

We moeten het maar even over iets aangenamers hebben. Maandag ben ik met Henk Verweerd naar Goes gereden, om te vergaderen met de redactie van Ballustrada, dat tegenwoordig door Liverse wordt uitgegeven. We kwamen bijeen in grand café Jersey, waar opvallend veel scholieren rondhingen. Jongetjes en meisjes van een jaar of veertien, vijftien. De leeftijd waarop ik voor het eerst, geheel illegaal want mijn ouders keurden het niet goed, bij Visser kwam. Net als wij in die tijd bij Visser leken ze een beetje geïntimideerd door de omgeving en de al dan niet onbekende volwassenen om hen heen. Ja, druk in de weer met hun telefoontjes en giebelen zoals alleen pubermeisjes dat kunnen, maar toch bedeesd, zonder herrie en allemaal braaf aan een colaatje of een ander glaasje fris. Jongens en meisjes netjes apart, want meisjes van veertien vallen niet op knulletjes van hun eigen leeftijd en die mannekes willen nog niet met zo'n grietje worden gezien. Die hadden waarschijnlijk al heimelijk voorpret voor oud & nieuw. Ik vond het wel leuk, zulk jong publiek, je kunt niet vroeg genoeg aan de kroeg beginnen, maar ik kreeg wel een beetje een grootvadergevoel. Iets in die geest overkomt mij weleens meer. Onlangs zat ik met een vriendin in het rookhok van Merz. Een meisje 'van mijn leeftijd, alleen eenendertig jaar jonger,' zou Reve zeggen. Op een gegeven ogenblik kwam er een jongeman die beleefd 'dag meneer' tegen mij zei omdat hij dacht dat ze met haar vader zat te praten. Ach, we gaan maar gewoon het nieuwe jaar in. Om Gerard Reve, gids in duistere tijden, nogmaals te citeren: 'Moedig voorwaarts!'

In gedachten, altijd,

Kees


Dordrecht, 3 januari 2015



Geen opmerkingen: