zondag, december 30, 2018
Timoer Lenk
zaterdag, september 08, 2018
Uitnodiging
zondag, september 23, 2012
Wereldgeschiedenis
In 1566 braken er op een aantal plaatsen in de Nederlanden hevige rellen uit, waarbij een hysterische menigte kerken vernielde en plunderde. Zij gingen de geschiedenis in als de Beeldenstorm. Ik moest daar even aan denken toen ik het nieuws hoorde over de rellen in het Groningse Haren. Natuurlijk zijn de twee gebeurtenissen niet met elkaar te vergelijken. Niet qua omvang en niet qua oorzaak. In 1566 was de oorzaak gelegen in grote ontevredenheid over stijgende voedselprijzen, religieuze onderdrukking en een centrale overheid die steeds meer invloed probeerde te krijgen, waardoor plaatselijke belangen in het geding kwamen. Hoe zit dat in 2012? Er wordt in de media almaar geroepen dat het crisis is. Het gaat economisch even wat minder, maar ik kan mij niet voorstellen dat dáárdoor een troep vuurwerk en dranghekken smijtende idioten een klein professorendorp nabij Groningen binnenvalt. In 1566 was het vooral het getetter van de fundamentalistische kansel, die de aanleiding vormde. Nu blijkt dat een door een nietsvermoedend schoolmeisje op Facebook geplaatste uitnodiging te zijn geweest. Je zult maar zestien worden en zo'n horde relschoppers, sensatiezoekers en kwaadaardige gekken op de stoep krijgen.
Ik
was mij op de avond van de rellen overigens van geen Haren bewust. Ik
hoorde pas de volgende morgen de ophef in de media. Ik zat braaf in
het café en sprak daar met R., die mij vertelde dat zijn schoonvader
iets hoogs bij de Duitse Kriegsmarine was geweest. Zijn vrouw had als
klein meisje nog bij Hitler op schoot gezeten. We kwamen op de
theorie dat een mens maar een paar handdrukken van de groten der
aarde verwijderd is, al is die benaming voor Hitler eigenlijk te veel
eer. 'Ik zit dus maar drie handdrukken bij Hitler vandaan,' sprak ik,
'en maar twee van de koningin, via een bevriend burgemeester. Evenals
van haar moeder, via mijn oom Arie, die haar als ingenieur bij de
waterstaat verschillende keren de hand schudde. Via mijn Engelse oom,
die bij de RAF zat, zit ik ook nog eens drie handdrukken bij
Churchill vandaan.' Zo ging het nog een tijdje door, tot het wat
minder helder werd aan mijn firmament. Als ik een achterlijke
relschopper was geweest, was ik misschien ook wel naar Haren gereisd,
maar ik ben rustig naar huis gesjokt, tevreden in het besef dat ik
mij in het middelpunt van de wereldgeschiedenis bevind.maandag, september 17, 2012
Oude handen
maandag, juli 18, 2011
Vier uur slaap

Doorgaans houd ik kantooruren aan, hoewel het me ook weleens overkomt dat ik 's avonds laat ineens nog aan een gedicht begin. Dat zijn wonderlijke dingen: als me een goede regel invalt die tot iets kan leiden moet ik direct aan de slag, want een uur later is die regel anders weer uit het brein gewaaid. Ben ik echter bezig aan een tijdschriftartikel, een kort verhaal, een vertaling, mijn literair dagboek, of heb ik leeswerk voor een geleerd stuk over de geschiedenis van het veelgeplaagde Griekenland, dan doe ik dat 'op kantoor.' Van negen tot twaalf en als het moet, wanneer er weer eens een deadline loert, mag het na de lunch een uurtje meer zijn. Ik ben net als Maarten 't Hart een uitgesproken ochtendmens, dus meestal sta ik rond half zeven al fluitend mijn sinaasappeltjes te persen, mijn zelfgebakken brood te snijden en naar de vitamine-b pillen te zoeken, want je moet wat na een avondje stamkroeg. Tegen half negen even snel naar de krantenboer voor de waan van de dag, daarna een pot koffie, of soms een Turkse koffie vooraf (die in mijn geval uit Griekenland komt) en dan nijver aan het werk, zoals een Bourgondische calvinist (een label dat ik ooit van collega historicus Guus de Landtsheer kreeg opgespeld) betaamt. Nu en dan kijk ik even een paar minuutjes tussendoor op Facebook, roep wat en log daarna snel uit, want ze moesten eens denken dat ik daar de hele godganselijke dag zit te koekeloeren.
Dat vroege opstaan heeft voordelen. Zo werd ik vanmorgen om tien over half zeven niet wakker van het bezorgen, middels een reusachtige vrachtwagen, van de nieuwe keuken van een van de buren. Het is meestal nog stil in de buurt, de vogels kwinkeleren dat het een lieve lust is en je kunt je buiten op het land wanen, terwijl je midden in de stad woont. Ik houd ervan om voor ik iets ga doen op mijn gemak rond te keutelen of de belevenissen van de vorige dag in mijn dagboek te noteren. Even opschrijven wie nu weer wat in de kroeg in mijn halfdove oor heeft zitten tetteren. Meestal zijn dat dingen die achteraf mijn heerlijke inkt van J. Herbin (Blue myosotis) niet waard zijn en dus nooit terecht zullen komen in het literair dagboek, maar soms zitten er pareltjes van verhalen tussen. Ik lees ook graag een boek tijdens het ontbijt terwijl ik op mijn gemak luister naar het Radio 1 journaal. Daarin hoor je soms kolderieke taal- en andere fouten. Die komen meestal wel in het literair dagboek terecht. De afgelopen maand was ik vijf maal op de radio, bij respectievelijk de NOS (Met het oog op morgen) en BNR-Nieuwsradio en één keer op de buis bij EenVandaag, om Griekenland uit te leggen voor andersdenkenden. Bij het terugluisteren hoorde ik dat ik mij ook weleens verspreek, al heb ik mezelf nog niet betrapt op klassiekers als 'een aantal mensen gaan'. Ook heb ik echte blunders, zoals die van een Radio 1 verslaggever die op woensdag 1 juni 2005 beweerde dat Bolsward aan het IJsselmeer lag, weten te vermijden.
Als ochtendmens heb ik 's morgens veel meer energie dan later op de dag en verzet daardoor drie keer zoveel werk als in de middaguren. Toen ik nog in het onderwijs rondliep waren mijn lessen enthousiaster naarmate het uur vroeger was. Ik had een ongelofelijke hekel aan negende en tiende uren, straftijden die je een leraar, en al helemaal de leerlingen, eigenlijk niet mag aandoen. Het liefst was ik mijn lessen om half zeven 's morgens begonnen, om tegen half twee 's middags te stoppen, maar ja, niet iedere leerling is een ochtendmens. Er waren erbij die tegen een uur of tien, half elf nog aan het doorslapen waren in de klas. Die werden nogal eens gewekt door een goed gemikt krijtje tussen de ogen. 's Avonds komt er weinig uit mijn handen. Voor de buis val ik vaak van verveling in slaap, tenzij er echt kwaliteit wordt geboden, zoals nu op de BBC de herhaling van Pride and Prejudice. Daarom luister ik meestal naar de radio. Daarbij kun je lezen of andere dingen doen, koekeloeren op Facebook bijvoorbeeld. Het liefst duik ik tegen een uur of elf met een boek in bed, hoewel ik dan altijd nog naar Met het oog op morgen luister en regelmatig de onvolprezen uitzendingen van Radio Bergeijk haal. Het is goed om de nacht in te gaan na even goed gelachen te hebben. Bovendien: hoe minder je slaapt, hoe meer je leeft. Ik had een tante die tot op hoge leeftijd een uitbundig bestaan leidde en regelmatig halve nachten met vriendinnen zat te kaarten. Haar lijfspreuk was: 'een mens heeft maar vier uur slaap nodig.' Wie weet ga ik dat ook nog eens roepen. Moet ik alleen de televisie de deur uit doen, vrees ik.


